LBOW_banner

Leuven Bears-on-Wheels (LBOW) is één van de senior teams van de grote moederclub Stella Artois Leuven Bears. Wij draaien mee in de Nationale competitie en veroverden twee keer de Beker Van Vlaanderen. Dit seizoen spelen we met een kern van spelers op Nationaal vlak en met een andere mix in de Landelijke afdeling. Voor de aankomende spelers en deze welke willen sporten op recreatief vlak nemen we ook deel aan een reeks recreatieve tornooien.

Het team bestaat uit een 20-tal spelers gaande van beginnelingen tot uiterst ervaren sporters. De meest ervaren spelers, aangevuld met enkele beloftevolle elementen, komen uit in de Nationale competitie. Deze groep bestaat uit Deepak De Ridder, Jeroen Beliën, Nasif Comor, Sandro Nicoll, Terence Edja Watoo, Danny Sacré, Rudy Bogaerts, Petra Sallaerts, Kevin Jaegers, Samuel Prakash en Jan Van Bael. Deze spelers staan onder leiding van Jan Van Bael aangevuld met Nasif Comor die zijn ruime internationale ervaring probeert over te brengen op ons team, met doel het niveau van ons team op te krikken.

Het thuisbrengen van nog een aantal overwinningen en succesvol verdedigen van onze kansen bij wedstrijden voor de Beker van België horen hierbij ... of als we mogen dromen zelfs een landstitel.

Beide teams zijn actief binnen de federatie Parantee, voorheen de VLG - Vlaamse Liga Gehandicaptensport.

In de landelijke competitie geven we de andere spelers de kans ervaring op te doen om zo verder te groeien. Hiervoor rekenen we o.a. op Danny Sacré, Rudy Bogaerts, Kevin Jaegers, Petra Sallaerts, Terence Edja Watoo, Wannes Martens en Remi Kizito. Rolstoelbasket wordt gespeeld in gemengde ploegen. We zijn daarom erg blij met de inbreng van onze dames: Petra Salaerts en Sofie Polfliet (Sofie alleen op recreatief vlak). Een aantal jeugdspelers trainen zeer hard binnen JBOW en kunnen op termijn ons team versterken in de recreatieve en landelijke competitie. Al deze spelers staan onder de ervaren leiding van onze trainer/captain/coach Jan Van Bael. Voor de jongerentrainingen JBOW neemt Petra de verantwoordelijkheid

Wat meer info over Rolstoelbasketbal: Rolstoelbasketbal in 1-2-3

Rolstoelbasketbal wordt gespeeld door sporters met een lichamelijke beperking. De spelregels vergeleken met het ‘gewone’ basketbal zijn slechts minimaal aangepast in functie van het gebruik van de rolstoel. Het belangrijkste verschil met basketbal is de interpretatie van een loopfout. Een speler mag maximaal tweemaal aan de wielen duwen, met de bal op de schoot, en moet dan minstens éénmaal met de bal dribbelen. Bij het niet naleven van deze regel maakt de speler een fout die vergelijkbaar is met een loopfout in het basketbal.

Op nationaal niveau bestaat er een competitie rolstoelbasketbal waar een vijftal ploegen aan deelnemen. De internationale reglementen - IWBF - worden gevolgd. Verschillende clubteams nemen tevens deel aan internationale wedstrijden.

Op Vlaams niveau is er een Vlaamse competitie en verschillende vriendschappelijke wedstrijden.

Competitie

Parantee coördineert het competitief rolstoelbasketbal op Vlaams niveau en werkt nauw samen met de recreatieve G-sportfederatie Recreas voor recreatief rolstoelbasketbal. Het competitiemanagement R-basketbal van Parantee coördineert het breedtesportaanbod rolstoelbasketbal.

Rolstoelbasketbal werd in 1960 voor het eerst op de Paralympische zomerspelen te Rome (Italië) geïntroduceerd. Voor 1960 stond rolstoelbasketbal ook al geprogrammeerd op de Stoke Mandeville Games, die de voorloper van de Paralympische Spelen vormen. Het bestuur is in handen van de IWBF (International Wheelchair Basketball Federation), waarbij momenteel clubs zijn aangesloten uit 77 verschillende landen.

Classificatie voor rolstoelbasketbalspelers

Het classificatiecijfer is afhankelijk van de functionele mogelijkheden van een speler. Hoe groter de mogelijkheden hoe groter het classificatiecijfer is. De spelers worden beoordeeld door middel van een functionele en medische classificatie. De functionele classificatie is vooral gebaseerd op sportspecifieke tests zoals werpen, passen, rebound en dribbelen. De medische diagnose of het onderzoek van de spierfuncties zijn minder van toepassing voor het classificeren zelf. Toch is het een eerste indicator om een speler te plaatsen bij de start van zijn ’basket’ activiteiten.

Beginnende spelers, jeugdspelers en dames krijgen bonificaties volgens het reglement. In basketbal wordt een speler ingedeeld in één van de acht klassen. De klassen gaan van 1.0 tot 4.5 (Klassen 1.0, 1.5, 2.0, 2.5, 3.0, 3.5, 4.0 en 4,5) waarbij een hoger cijfer aangeeft dat de speler minder motorische beperkingen heeft.

Het maximaal toegestane puntenaantal van een opgesteld team is 14.0 voor landenteams en 14.5 voor clubteams. Het gebruik van een maximum puntenaantal op basis van classificatiepunten zorgt voor gelijkwaardigheid in teams. Hierdoor komen ook spelers met een ernstigere beperking aan bod en zijn trouwens noodzakelijk voor het team.